Welke krachtsoorten zijn er?

Veel krachten ken je waarschijnlijk al, alleen denk je niet altijd aan de krachten bij dagelijkse bezigheden. Hieronder een aantal bekende krachten:

  1. Zwaartekracht
  2. Veerkracht
  3. Spierkracht
  4. Wrijvingskracht
  5. Windkracht
  6. Magnetische kracht
  7. Spankracht

Zwaartekracht

Met veel van deze krachten gaan we komende tijd werken, het is daarom belangrijk dat je weet welke kracht waar bij hoort. De grootte van een kracht wordt uitgedrukt in Newton. Dit omdat een Engelse natuurkundige ontdekte welke invloed krachten hebben. Om te beginnen de zwaartekracht, de zwaartekracht is de aantrekkingskracht naar de aarde, hoe groter de massa is van een voorwerp hoe groter de zwaartekracht. Je kunt je eigen zwaartekracht ook gemakkelijk berekenen. Op een voorwerp van 1kilogram (kg) werkt een zwaartekracht van 10Newton (N). Je kunt je eigen zwaartekracht bereken door je gewicht x 10 te doen (alleen hier op aarde). Weeg je 50kg, dan is de zwaartekracht die op jou werkt 50 x 10 = 500N. De formule voor zwaartekracht = massa x 10

Kracht als vector

Hierboven staan veel verschillende krachten, wat ze allemaal gemeen hebben is hoe je zo’n kracht schematisch tekent. Dat is handig want als je het voor een kracht kan, dan kan je het voor alle! Een kracht teken je als een pijl, een vector, een vector is een pijl met een richting, grootte en aangrijpingspunt.

Vector

Het aangrijpingspunt is erg groot getekend in de bovenstaande afbeelding en wordt meestal als kleiner punt getekend. Ook de richtingaangever van de pijl kan kleiner. Een vector wordt gebruikt omdat een kracht een aangrijpingspunt heeft, een grootte en een richting. Het is belangrijk dat te onthouden.

  1. Aangrijpingspunt, begin van de pijl, op dat punt grijpt de kracht aan.
  2. Grootte, de lengte van de pijl geeft de grootte van de kracht aan. Hoe langer de pijl, hoe groter de kracht.
  3. Richting, de richting waar de vector naartoe wijst geeft de richting van de kracht aan.

Ter voorbeeld hier een afbeelding met daarin de zwaartekracht op een persoon getekend. Het aangrijpingspunt van een voorwerp wordt meestal in het midden ervan geplaatst. De grootte van de zwaartekracht hangt af van iemands massa, hoe meer massa iemand heeft, hoe groter de zwaartekracht die op die persoon is werkt, dit kun je aangeven met de lengte van de pijl, hoe langer de pijl, hoe groter de kracht. De zwaartekracht is altijd naar het middelpunt van de aarde gericht.

Fz-Vector